Een verwaande vrouw van rond de vijftig nam plaats op een volle vlucht en wilde vrijwel meteen weer van haar stoel af. Ze zag dat ze naast een man moest zitten en dat beviel haar duidelijk niet. Met een afkeurige blik riep ze direct een stewardess en eiste een andere plaats.
“Dit is onmogelijk,” zei de vrouw. “Ik kan niet naast déze man zitten.”
De stewardess bleef kalm. “Ik zal kijken of ik een andere stoel voor u kan vinden.”
Na een korte controle kwam ze terug. “Mevrouw, er zijn geen vrije stoelen meer in de economyclass. Ik kan wel bij de gezagvoerder navragen of er nog iets mogelijk is in de eerste klas.”
Ongeveer tien minuten later keerde de stewardess terug. “De gezagvoerder heeft bevestigd dat er inderdaad geen stoelen meer beschikbaar zijn in economy, maar wél in de eerste klas. Normaal gesproken verplaatsen wij nooit passagiers van economy naar first class, maar omdat het ongepast zou zijn iemand te dwingen naast een onaangenaam persoon te zitten, heeft de kapitein een uitzondering gemaakt.”
Nog voordat de vrouw iets kon zeggen, wendde de stewardess zich tot de man naast haar.
“Meneer, zou u zo vriendelijk willen zijn uw persoonlijke spullen te pakken? Wij willen u graag overplaatsen naar het comfort van de eerste klas, aangezien de kapitein niet wil dat u naast een onaangenaam persoon hoeft te zitten.”
De passagiers in de omliggende stoelen begonnen te applaudisseren; sommigen gaven zelfs een staande ovatie.
Reactie plaatsen
Reacties